“We can’t find the dead man!” Ik kan een glimlach niet onderdrukken. De twee Engelse wielertoeristen staan  met een kaart in hun hand in het centrum van Wijlre. Ik ken dit gebied als mijn broekzak en bied ze aan om samen de helling met de meest indrukwekkende naam ooit te beklimmen. “Dead man cycling,” grap ik clichématig met een knipoog naar de filmklassieker uit de jaren ‘90.

Alle verhalen over de Doodeman hebben hun nieuwsgierigheid gewekt. De beklimming, wiens naam refereert aan een noodlottig ongeval van een boer met paard en kar, staat nog niet op hun palmares. Ook doet een verhaal de ronde dat ter dood veroordeelden deze helling omhoog moesten lopen om bij de galg te komen. De lokale benaming ’t Gerich, bovenop het plateau, herinnert nog steeds aan die tijd.

wielrenblad_leesvoer_artikel_doodeman

Na enkele minuten naderen we de voet van de beklimming. Het gehucht Stokhem geeft niets prijs van de martelgang die ons staat te wachten. Aan weerskanten van de weg belemmeren boerderijen elk zicht op de voet van de helling. Ik heb ze goed geobserveerd, mijn Engelse lotgenoten die deze kwelling geheel vrijwillig lijken op te zoeken. Geschoren benen. Pinarello-fietsen van een paar jaar oud. Koerspetten onder hun helm. Ik schat ze beiden net onder de 50 jaar. Ze zijn niet veel klimwerk gewend in het Oosten van Engeland. “As flat as a pancake!” Vandaar dat ze elk jaar een andere heuvelachtige regio uitzoeken om te verkennen. Gisteren hebben ze de Finale Amstel Gold Race gefietst. Keutenberg, Eyserbosweg, Cauberg… ‘The Keutenberg  nocked me out,’ onderbreekt zijn fietsvriend hem.

De Engelsen luisteren allang niet meer naar mijn anekdotes over Limburgse hellingen. Serieuze blikken aanschouwen een muur die hoog boven het gehucht uit rijst. Al na 200 meter loopt de beklimming van 10% naar 14%. Gestaag stijgt het asfalt naar dezelfde hoogte als de top van de Keutenberg. We zijn bijna halverwege. Het tempo zakt drastisch als de piek van 18% onder de wielen door rolt. Met 8 km/h naderen we een bankje rechts naast het asfalt. Twee senioren staren ons meelevend aan. Diverse Engelse krachttermen doen hun voorhoofden fronsen.

wielrenblad_leesvoer_artikel_doodeman_2

Een korte blik over mijn schouder trakteert me op een prachtig uitzicht over het Limburgse Heuvelland.  Stokhem verdwijnt steeds dieper in het dal van de Geul. Met z’n drieën staan we naast elkaar op de pedalen. Wiel aan wiel bedwingen we de laatste loodjes van deze helse kuitenbijter. Een flauwe bocht naar rechts gevolgd door een flauwe bocht naar links. De top van de Doodeman geeft zich niet meteen prijs.

Bovenop het plateau vraag ik de Engelsen naar hun bevindingen. “The Keutenberg knocked me out yesterday, but this Deadman killed me.” Hangend over het stuur lijken ze het met elkaar eens te zijn. Het bevestigt mijn  vermoeden. Toeristen kiezen massaal voor de Keutenberg. Logisch, de trekpleister van de Amstel Gold Race wordt vaak betiteld als de steilste helling van Nederland. Vraag kenners uit de regio naar hun voorkeur en je zult zien dat de Doodeman springlevend is.