Een soepel schakelende fiets is een genot, maar het is onvermijdelijk dat je racefiets na verloop van tijd minder goed schakelt. Dit kun je meestal oplossen door je derailleur af te stellen. Een klusje dat je gemakkelijk thuis of onderweg zelf kunt doen. Mechanieker Marco van Oord van Bike Pitstop in Almkerk laat zien wat er aan de hand kan zijn als je fiets niet goed schakelt. En hoe je zelf een derailleur kan afstellen. Hieronder onze handleiding/tips over: afstellen derailleur.

Tekst en foto’s: Janneke Scheepers

Afstellen derailleur

Tijdens het fietsen merk je soms dat de ketting irritant gaat ratelen of moeizaam de ene kant opschakelt en te snel de andere kant op. Dit artikel behandelt alle stappen die je moet ondernemen om je fiets weer soepel schakelend te krijgen.

CONTROLEREN STAND ACHTERDERAILLEUR

Je begint met het controleren van de stand van je achterderailleur. Het is mogelijk dat deze fysiek is omgebogen en uit het lood is gezet. Bijvoorbeeld door transport of omdat je fiets is omgevallen. De pad kan zelfs zo scheef staan, dat je achterderailleur in het achterwiel kan haken. Scheefstand van je achterderailleur hoeft niet direct problemen op te leveren bij het schakelen. Het gevaar ontstaat vaak pas als je fietst in een lichte versnelling, bijvoorbeeld met je ketting op het binnenblad en achter op het grootste kransje, dus met de derailleur dichtbij je achterwiel. Denk maar aan terugschakelen om de Keutenberg op te knallen. Als dán je achterderailleur in je achterwiel haakt, ontstaan de grootste schades. Dat kan zo ver gaan dat je achtervork afbreekt. Dus als jij de volgende keer je fiets uit de auto laadt in Zuid- Limburg, controleer dan even of de achterderailleur recht staat. De kettinglijn, het bovenste derailleurwieltje en onderste derailleurwieltje moeten in één lijn staan.

afstellen derailleur: 

Controleer of de achterderailleur recht staat - het afstellen van derailleur - handleidingFoto 1:Controleer of de achterderailleur recht staat. De kettinglijn en de derailleurwieltjes van de achterderailleur moeten in één lijn staan.

Ga niet zelf de derailleur terugbuigen. Je hebt dan namelijk grote kans dat de derailleurpad (het verbindingsplaatje tussen je frame en de derailleur) afbreekt. Dit pad, ook wel de derailleurhanger genoemd, is ontworpen om af te breken als hij wordt gebogen. De elasticiteit is dan ook heel beperkt. Doel is uiteraard dat niet je frame of derailleur defect raakt. De fietsenmaker heeft speciaal gereedschap waarmee hij voorzichtig de pad terug kan buigen. Als hij dit gaat proberen, wees er dan wel zeker van dat hij een nieuwe pad op voorraad heeft die op je frame past. Want als de pad afbreekt, kun je niet meer fietsen. Je zou zelfs een reservepad mee kunnen nemen als je een mooie tocht gaat maken in bijvoorbeeld de Alpen. Zo’n pad weegt weinig en kost pakweg twintig euro. Wil je voorkomen dat de pad verbuigt, leg je fiets dan liever niet plat neer op de kant van de derailleur en zorg dat de derailleur niet in het gedrang kan komen bij vervoer.


ACHTERDERAILLEUR AFSTELLEN

Heb je geconstateerd dat je achterderailleur recht staat, dan is je schakelprobleem vrijwel zeker te wijten aan een te lage kabelspanning. De afstelling van je derailleur wordt bepaald door de spanning op je derailleurkabel. Door het gebruik kan de binnenkabel iets oprekken of de buitenkabel iets in elkaar worden gedrukt. Door de veranderde kabellengte staat je voor- of achterderailleur niet meer op de goede positie en krijg je schakelproblemen. Dit merk je tijdens het fietsen aan een ratelende ketting. Daarnaast gaat lichter schakelen (naar de grotere kettingwielen achter) moeizamer, terwijl zwaarder schakelen juist te snel gaat, waarbij de ketting zelfs een kransje over kan slaan.

Dit kun je eenvoudig oplossen door de kabel weer op te spannen door middel van de wartel. Deze vind je tussen de buitenkabel en de achterderailleur. Zet de ketting op de zwaarste versnelling achter, dus het kleinste kransje. Dat is de meest ontspannen stand van de derailleur. Er staat nu weinig spanning op de kabel. Nu kun je het gemakkelijkst de wartel uitdraaien, waardoor je de buitenkabel fictief een stukje langer maakt en de binnenkabel wordt aangetrokken. Draai de wartel los naar links, tegen de klok in (foto 2). Ezelsbruggetje: zoals je een fles opendraait. Doordat je de wartel uitdraait, gaat de derailleur iets meer naar binnen staan. Draai je de wartel in, met de klok mee, dan gaat de derailleur in zijn totaliteit naar buiten. Je hoeft de wartel vaak maar een fractie uit te draaien.

Draai de wartel bij de achterderailleur uit naar links, om de versnellingskabel aan te spannen. Hierdoor gaat de derailleur wat meer naar binnen staan.

Foto 2: Draai de wartel bij de achterderailleur uit naar links, om de versnellingskabel aan te spannen. Hierdoor gaat de derailleur wat meer naar binnen staan.

Als een fiets al wat langer gebruikt wordt, heb je geen last meer van het rekken van de binnenkabel of vervormen van de buitenkabel. Bij een nieuw gemonteerde kabel kan het wel voorkomen, ook al worden voorgerekte kabels gebruikt. En dus zal je na een aantal kilometers de kabelspanning wat moeten bijstellen. Nu ga je de afstelling verder verfijnen. Je streven is dat derailleur net zo veel tijd nodig heeft om lichter te schakelen als om zwaarder te schakelen. Zet je pedaal op twaalf uur, en schakel nu van het kleinste kettingwiel naar het op één na kleinste (foto 3).

Kijk hoe groot de pedaalslag is die de derailleur nodig heeft om de ketting naar het tweede kettingwiel te zetten – waarschijnlijk is dat ongeveer een kwart pedaalslag – en onthoud hoeveel dit ongeveer is. Nu ga je zwaarder schakelen. Zet voor elke schakeling opnieuw je pedaal op twaalf uur. Hoe groter de diameter van het kettingwiel, hoe langer de pedaalslag die nodig is om van kransje te wisselen. De essentie is dat de ketting steeds in een soepele opeenvolging van het ene naar het andere kettingwiel verspringt, zonder vreemde uitschieters in de pedaalslag.

foto 3. Z et je pedaal op twaalf uur. Schakel nu van het kleinste kettingwiel naar het één na kleinste en controleer of alle schakelingen soepel verlopen. De bedoeling is dat je derailleur even snel van licht naar zwaar schakelt als andersom.Foto 3: Zet je pedaal op twaalf uur. Schakel nu van het kleinste kettingwiel naar het één na kleinste en controleer of alle schakelingen soepel verlopen. De bedoeling is dat je derailleur even snel van licht naar zwaar schakelt als andersom.

STELSCHROEFJES ACHTERDERAILLEUR AFSTELLEN

Lukt het je niet om door middel van het spelen met de kabelspanning je derailleur af te stellen, dan is er iets anders aan de hand. Wellicht staat het bereik van je achterderailleur (ofwel, hoe ver hij naar binnen en buiten kan) niet goed afgesteld. Op de achterderailleur zitten twee kleine stelschroefjes (foto 4). Die zijn bedoeld om de derailleur te begrenzen, zodat de ketting nooit van het kleinste of grootste kransje af kan lopen. De schroefjes hebben vaak de aanduiding ‘H’ (van high, voor ‘hoge’/ zware versnellingen ofwel kleine kransjes) en ‘L’ (van low, voor ‘lage’/lichte versnellingen ofwel grote kransjes). Let wel: als deze stelschroefjes eenmaal goed afgesteld staan, verlopen ze nooit en hoef je ze alleen bij een verbogen pad of derailleur weer af te stellen. Normaal gesproken heb je hier dus niet mee te maken. Op het moment dat je eraan moet gaan draaien, staat de derailleur waarschijnlijk scheef of is hij verkeerd gemonteerd.

D e L- en H-stelschroefjes van op je achterderailleur zijn bedoeld om het bereik van je achterderailleur mee te begrenzen, ofwel: hoe ver hij naar binnen en buiten kan.Foto 4. De L-en H-stelschroefjes op je achterderailleur zijn bedoeld om het bereik van je achterderailleur mee te begrenzen, ofwel: hoe ver hij naar binnen en buiten kan.

Om de hoogste versnelling af te stellen, zet je de ketting achter op het kleinste kransje en voor op je buitenblad. Stel de derailleur vervolgens met het H-schroefje zo af, dat de derailleur precies onder het midden van het kleinste kransje staat. De ketting loopt dan soepel en je hoort geen geratel. Om de laagste versnelling af te stellen, zet je de ketting achter op het grootste kransje en voor op het binnenblad. Stel de derailleur vervolgens met het L-schroefje zo af, dat deze precies onder het midden van het grootste kettingwiel staat.

Boven de L- en H-schroefjes zit nog een derde stelschroefje, de ‘B-stelschroef’. Hiermee kun je de achterderailleur wat verder naar voren of achteren afstellen. Als je het schroefje indraait, kantelt je derailleur iets naar achteren. Hierdoor creëer je meer ruimte voor je cassette om bijvoorbeeld een wat groter kettingwiel te monteren voor een ‘klimverzet’. Het nadeel hiervan is dat je ketting door minder tanden van je cassette aangegrepen wordt. Hoe minder tanden aangegrepen worden, hoe meer kracht er op de kettingschalmen en de tanden komt. Dat heeft direct invloed op het schakelen. De werking van de derailleur wordt zenuwachtiger, bij kleine zijwaartse bewegingen kan hij dan al overschakelen. De nieuwe componentengroepen zijn gelukkig zo uitgerust, dat je prima lichtere versnellingen kunt monteren zonder dat je hoeft te sleutelen aan de positie van de derailleur.

STAND VOORDERAILLEUR CONTROLEREN – Afstellen voorderailleur

Schakelproblemen kunnen uiteraard ook voorkomen aan de voorkant. Krijg je de ketting niet goed op het grote blad, loopt hij tegen de voorderailleur aan of loopt hij zelfs van het blad af, dan wordt het tijd om je voorderailleur af te stellen. Je begint weer met een controle of je derailleur recht staat. Je kunt dit op een hele eenvoudige manier controleren terwijl je op de fiets zit. Zet de ketting op het binnenblad en kijk langs je been naar beneden. Dan moet de lijn van de derailleur gelijk lopen aan je buitenblad. Dit geldt voor de meeste groepen waaronder Shimano. Bij SRAM hebben ze een andere technische oplossing. Daar draait de voorderailleur namelijk met de ketting mee, en staat de derailleur dus niet in de lengte van het buitenblad wanneer je ketting op het binnenblad ligt. Staat de voorderailleur scheef? Maak dan de klemband of het boutje waarmee de derailleur aan het frame is bevestigd, een slagje losser. Zet de derailleur recht en draai weer vast. Let wel even op dat de derailleur door de kabelspanning niet omlaag getrokken wordt.

Tutorial en handleiding voorderailleur afstellen

Foto 5. De wartel waarmee je de versnellingskabel van je voorderailleur kunt aanspannen, vind je vaak in de buurt van het stuur.

BEREIK VOORDERAILLEUR AFSTELLEN

Merk je dat je derailleur zó ver schakelt, dat je ketting eraf valt zodra je naar het binnen of buitenblad gaat? Of juist dat je derailleur niet ver genoeg reikt om de ketting erop te kunnen leggen? Dan is het bereik van de derailleur niet goed afgesteld. Ook bij de voorderailleur zitten twee schroefjes waarmee je de uiterste standen afstelt voor binnen- en buitenblad (foto 6). Soms staat er ‘H’ en ‘L’ bij vermeld, maar vaak ook niet.

Ook de voorderailleur heeft schroefjes waarmee je het bereik naar binnen en buiten kunt afstellen.Foto 6. Ook de afstellen voorderailleur heeft schroefjes waarmee je het bereik naar binnen en buiten kunt afstellen.

Bij de meeste groepen stel je met het linkerschroefje (gezien vanaf de achterkant van je fiets) het bereik voor het binnenblad af. Zet de ketting op het binnenblad en achter op het grootste kransje. Stel het schroefje zo af, dat je een millimeter ruimte hebt tussen de linker binnenkant van de kettingkooi en de ketting. De ketting kan nu vrij lopen (foto 7). Met het rechterschroefje stel je het bereik voor het buitenblad af. Zet de ketting op je buitenblad en het kleinste kettingwiel achter. Stel met het rechterschroefje de derailleur zo af, dat je een millimeter ruimte hebt tussen de rechter binnenkant van de kettingkooi en de ketting.

S tel het bereik van de derailleur zo af, dat de ketting vrij door de kettingkooi kan lopen, zonder van de bladen af te schieten als je schakelt. - handleiding en tutorial voor het afstellen van derailleur - afstellen derailleurFoto 7. Stel het bereik van de derailleur zo af, dat de ketting vrij door de kettingkooi kan lopen, zonder van de bladen af te schieten als je schakelt.


ALS AFSTELLEN VAN DE DERAILLEUR NIET LUKT – AFSTELLEN DERAILLEUR

Wat nu als je het maar niet voor elkaar krijgt om je fiets soepel te laten schakelen? Er kunnen verschillende dingen aan de hand zijn. Bijvoorbeeld:

PROBLEEM 1. VERSLETEN VERSNELLINGSKABELS

Stuit je op schakelproblemen, kijk dan altijd even of je buitenkabels intact zijn (foto 8). De basis van de buitenkabel bestaat uit staaldraad, die aan de binnenkant bekleed is met teflon en aan de buitenkant met een harde kunststof laag. Die kunststof laag zorgt dat alles op zijn plaats blijft. Het is plastic dat verhardt in de zon, wat kans geeft op een breuk. Als de kunststof buitenlaag beschadigd is, kan het metaal aan de binnenkant veel gemakkelijker buigen of knikken en heb je direct een afwijking in je versnellingssysteem. Het advies is daarom om de buitenkabels elke twee jaar te vervangen. Hetzelfde geldt overigens voor de remkabel. Op het moment dat daar echt veel kracht op komt, wil je niet dat de buitenmantel versplintert, want dan ben je je remkracht voor een groot gedeelte kwijt.

Versleten versnellingskabels - afstellen derailleurFoto 8: Intacte versnellingskabels zijn cruciaal voor een goed werkend schakelsysteem. De kunststof buitenlaag mag niet teveel verslijten want dan kan er een knik komen in de metalen kern.

PROBLEEM 2. VERSLETEN KETTING EN KETTINGWIELEN

Je hebt alles naar behoren af weten te stellen. Als je fiets op de werkbank staat of als je hem langs de kant van de weg optilt aan het zadel, schakelt hij als een zonnetje van kettingwiel naar kettingwiel. Totdat je gaat fietsen. Schakelen gaat ineens voor geen meter meer en de ketting gaat moeizaam van het ene naar het andere kettingwiel. In zo’n geval is het zeer waarschijnlijk dat de ketting en/of cassette aan vervanging toe is. De kettingwielen kunnen dusdanig versleten zijn, dat de ketting er te diep in ligt waardoor deze zeer moeizaam tussen de tanden uit kan wippen. Een versleten ketting heeft dan weer te weinig grip op de vertanding en kan zelfs doorschieten onder belasting. Een nieuwe ketting en cassette zullen in dit geval wonderen doen voor het gemak waarmee je fietst. Maar misschien is de oplossing eenvoudiger en moet je gewoon de ketting eens goed smeren.

PROBLEEM 3. JE WIEL STAAT SCHEEF

Meestal merk je het al doordat je wiel tegen de rem aanloopt. Maar toch is het de moeite waard om even te controleren: staat je wiel misschien scheef in het frame?

PROBLEEM 4. VERSLETEN DERAILLEURWIELTjES

Check of je derailleurwieltjes versleten zijn. Zien ze er nog goed uit, zitten er geen scherpe punten aan en draaien ze nog soepel? Controleer ook of er speling op de wieltjes zit. Het bovenste derailleurwieltje (de guide pulley, die de ketting geleidt) mag slechts minimaal speling hebben. Als je dit wieltje millimeters heen en weer kunt bewegen, dan heeft dat meteen invloed op het schakelen. Het onderste wieltje (de tension pulley, die de ketting onder spanning houdt) mag geen speling hebben.

PROBLEEM 5. DE ROUTING VAN DE KABEL KLOPT NIET

Wellicht loopt de derailleurkabel niet langs de juiste routing (foto 9) over de voorderailleur. Bijvoorbeeld doordat iemand een nieuwe derailleurkabel op je fiets heeft gemonteerd. Het maakt wel degelijk uit of de kabel aan de buiten- of binnenkant van het boutje loopt. Dit kan zomaar een millimeter verschil opleveren in de afstand die je derailleur aflegt naar links of rechts. Controleer dus wat de fabrikant voorschrijft, zeker bij Shimano.

bestevigen van de versnellingskabel aan de voorderailleur - afstellen derailleurFoto 9. Het lijkt futiel, maar het links- of rechtsom bevestigen van de versnellingskabel aan de voorderailleur maakt wel degelijk verschil.


Elektrische derailleur afstellen

Ook bij een elektrisch schakelsysteem is het cruciaal dat de voor- en achterderailleur recht staan. De voorderailleur zet je recht door deze voorzichtig wat los te maken van het frame en na aanpassing te herbevestigen. Let erop dat derailleur 1 tot 3 millimeter boven het buitenblad staat, zonder het te raken. Het bereik van de voor- en achterderailleur kun je, net als bij een mechanische derailleur, begrenzen met de H- en L-stelschroefjes. De afstelling van de versnellingen verloopt automatisch.

Wel kun je de achterderailleur fijn afstellen met behulp van de programmeerstand, als je fiets niet meer helemaal lekker schakelt of als je een ander wiel monteert. Schakel hiervoor naar het vierde of vijfde kransje. Druk bij Shimano Di2 de knop in van de control unit aan de onderkant van je stuurpen (foto 10). Er licht dan een rood ledlampje op: de programmeermodus is gestart.

Afstellen elektrische derailleur - shimano Di2 - afstellen derailleurFoto 10. Bij Shimano Di2 zit een control unit onder de stuurpen. Druk de knop van dit blokje in en het systeem komt in een programmeermodus. Nu kun je de versnellingen heel verfijnd afstellen. 

Je hebt nu een minuut de tijd om een fijne afstelling uit te voeren door middel van de rechtershifter. Elke klik met het kleine hendeltje, waarmee je normaal gesproken zwaarder schakelt, verplaatst de derailleur 0,2 millimeter naar buiten. Het grotere hendeltje, waarmee je normaal gesproken lichter schakelt, verplaatst de derailleur 0,2 millimeter naar binnen. Plaats de derailleur op deze manier exact onder het middelste kransje van de cassette. Verlaat de programmeermodus door nogmaals op het knopje van de control unit te drukken of gewoon even te wachten, en controleer je versnellingen. SRAM heeft het eTap-systeem. Daarbij zitten twee stelknopjes weggewerkt in de linker- en rechtershifter. Deze kun je indrukken om in de programmeermodus te komen. Hier geldt: de linkershifter is voor een afstelling naar links, de rechter is voor een afstelling naar rechts.

PROBLEEM ELEKTRISCHE DERAILLEUR – STEKKERTJE LOS

Werkt je elektrisch schakelsysteem niet, dan zit er waarschijnlijk een stekkertje los (of je bent vergeten de batterij op te laden). De stekkertjes van je schakelsysteem die het gemakkelijkst te bereiken zijn, zitten bij beide shifters en bij je voor- en achterderailleur (foto 10).

Achterderailleur - stekkertje los - probleem elektrische derailleur afstellen - Tips en handleiding om het probleem op te lossenFoto 11: Werkt je elektronisch schakelsysteem niet meer? Controleer of er een stekkertje los is gegaan, bijvoorbeeld bij een van de derailleurs of bij de shifters.

Dan is er nog de control unit onder je stuurpen, de connector box (met diverse aansluitingen) in je frame en een stekkertje in de zadelpen voor je accu. Vooral de stekkertjes bij de shifters kunnen weleens losraken. Dat komt meestal door beweging van het stuurlint of het verbuigen van de hendel (bijvoorbeeld door een val). De oplossing is eenvoudig: stop het losgeraakte stekkertje terug in de aansluiting. Je zult hiervoor je stuurlint moeten loshalen. Shimano heeft een speciaal vorkje om het stekkertje mee vast te drukken (foto 11) maar dit heb je waarschijnlijk niet bij je tijdens het fietsen. Je kunt dit ook heel voorzichtig met je vinger doen. In je shifter zitten twee aansluitingen onder elkaar, dus mocht er één defect zijn, dan kun je altijd nog de andere proberen.

Achter derailleur afstellen met speciaal vorkje van Shimano, tips handleidingFoto 12: Shimano heeft een speciaal vorkje om een losgeraakt stekkertje bij je shifter mee vast te duwen. Dit kun je ook voorzichtig met je vinger doen.


Dit artikel over: ‘afstellen derailleur’ komt uit Wielrenblad #5 van 2017 . Voor meer tips, reviews en reisverslagen kijk dan even op verder op onze website van Wielrenblad. Wil je op de hoogte blijven van het laatste wielernieuws en wil je graag het magazine op de deurmat ontvangen? Abonneer je dan op Wielrenblad magazine en volg ons op Facebook en Instagram!